"Tante Leen"

DurkTheDutchman.com Tante Leen In de Jordaan, daar woonde zij, Een lieve tante, altijd blij. Met open deur en warme hand, Stond zij voor heel de buurt paraat in ’t land. De koffie klaar, het hart zo groot, Voor jong en oud, voor kleine nood. Wie even viel of zorgen had, Tante Leen die maakte alles zacht. Tante Leen, o Tante Leen, Altijd klaar voor iedereen. In de straat en in het hart, Was zij licht in elke nacht zo zwart. Tante Leen, o Tante Leen, Heel de buurt kwam altijd heen. Met haar lach en goede raad, Was zij degene die je nooit verlaat. Als er muziek klonk door de straat, Dan zong zij mee, al was het laat. Een hand op schouder, troostend woord, Zo werd haar liefde overal gehoord. Kind’ren lachten op het plein, Bij haar mocht je gewoon jezelf maar zijn. Geen groot vertoon, geen druk lawaai, Maar echte warmte, puur en fijn en fraai. Tante Leen, o Tante Leen, Altijd klaar voor iedereen. In de straat en in het hart, Was zij licht in elke nacht zo zwart. Tante Leen, o Tante Leen, Heel de buurt kwam altijd heen. Met haar lach en goede raad, Was zij degene die je nooit verlaat. En als de dag dan langzaam viel, Bleef haar stem nog in ons ziel. Een stukje Jordaan, zo trouw en echt, Dat geef je niet zomaar weg. Tante Leen, o Tante Leen, Altijd klaar voor iedereen. In de straat en in het hart, Was zij licht in elke nacht zo zwart. Tante Leen, o Tante Leen, Heel de buurt kwam altijd heen. Voor wie haar kende, groot of klein, Zal Tante Leen altijd bij ons zijn. Tante Leen... In de Jordaan... Tante Leen... Jij blijft bestaan...