De Heilige Stad - solo tenor

de heilige stad Terwijl 'k eens lag te slapen, kreeg ik een schone droom: Ik was in 't oud Jeruzalem, 'k Stond aan den tempelzoom; Ik hoorde kind'ren zingen: Een lied vol blijde klank; en, 't was als paarlen Engelen zich juichend aan hun zang; en 't was als paarlen Engelen zich juichend aan hun zang. Jeruzalem, Jeruzalem! Zing uwe Vorst ter eer! 't Hosanna in den hoge, 't Hosanna voor uw Heer! ------- Doch eensklaps werd het alles zo donker om mij heen; het kinderkoor verstomde, en de Eng'lenschaar verdween. Ik zag een kruis verrijzen; toen werd het plots'ling nacht, en klonk van gindse heuveltop, een stem: Het is Volbracht! En klonk van gindse heuveltop, een stem: Het is Volbracht! Jeruzalem, Jeruzalem! Gij, die uw Vorst veracht! Hosanna in den hoge, hosanna, het 't is volbracht! --------------------------------------------------------------------- En weder zag 'k een ander beeld, doch nu vol heerlijkheid: Een stad, die, als een bruid versierd, haar koning wachtend beidt. 'k Zag straten van het zuiverst goud, door d' open paarlen poort. Miljoenen gingen uit en in; geen wanklank werd gehoord. Maar onder harp- en cimbeltoon juicht mens en Eng'lenstem tot eer van God en van het Lam, in 't nieuwe Jeruzalem; tot eer van God en van het Lam, in 't nieuwe Jeruzalem; Jeruzalem, Jeruzalem, nu is voorbij uw strijd! Hosanna in den hoge, Hosanna in eeuwigheid.